Ik wil graag wat vertellen

Maar het is zo veel dat ik het steeds niet doe… Tot nu! Geen mooie foto’s, want m’n camera maakt geen contact met m’n mobiel, dus foto’s die ik van anderen heb gekregen. .

De vorige keer was geloof ik 20 december, toen ik na een freakin lange busrit (zo’n 30 u reizen in totaal) in Puerto Maldonado aankwam.

In Peru. In de amazone jungle.

Oftewel: hoge luchtvochtigheid, veeeeeel zweten, muggen, malaria tabletten slikken, kaaimannen, vogelspinnen en tapirs spotten, (helaas geen jaguar) Super veel vogels en mooie bloemen, kayakken op de rivier, eindelijk ansichtkaarten vinden, wellicht een miereneter onder je bed en daardoor wakker liggen, en vooral merken dat ik heel rustig werd van de jungle.

Ik dacht altijd dat jungle spannend zou zijn, maar zoveel natuur maakte me vooral heel kalm.

Kan misschien ook niet anders, want anders ga je maar zweten.

Na Puerto Maldonado namen we de bus naar Cusco/ Cuzco / Qosqo.

Het was een nachtbus, slechts tien uur, met zo’n duizend bochten (ik overdrijf niet) die ons van zeeniveau naar 3400m bracht. Op gegeven moment was de halve bus aan het kotsen. Een hele ervaring om zo te zeggen.

In Cusco zelf had m’n hart het Zwaar. Zo. Zwaar. Elke 100m wandelen zat ik in zone 4, wat betekent dat m’n hart nogal onaangenaam tekeer ging om maar alles van zuurstof te voorzien. We reisden dus meteen naar Ollantaytambo dat slechts op 2800m hoogte ligt.

Dat was een hele goede keus, want het is het dorpje in de vallei met de meeste hike mogelijkheden. Zo mooi daar! Natuurlijk deden we rustig aan, Hilde was ondertussen ook ziek geworden, en we vierden kerst zonder kerst gevoel maar met een Zweed die op Jezus leek en het was toch soms koud en we liepen hele stukken.

Na Ollantaytambo gingen we verder naar Pisac, waar ik vooral de binnenkant  van m’n ogen heb bekeken, omdat ik met koorts in bed belandde. Praten over diarree brengt ook geen enkele schaamte meer mee trouwens. Het uitzicht vanuit de kamer was wel prachtig. Kijk maar.

Ik dacht dat het wel beter ging en we moesten sowieso maar eens acclimatiseren in Cusco, dus daar gingen we heen. Om kort te gaan -het is een lang verhaal anyhow- overdag ging prima, maar tot en met nieuwjaar waren de nachten vreselijk. Ik kon amper eten en voelde me dus vreselijk slap.

Zo begon ik dus met één aardappel als basis – die er waarschijnlijk allang uit was gekomen – op 1 januari aan de Inca trail. Dit is een vierdaagse hike naar Machu Picchu, een stad van de Inca’s die de apanjaarden nooit gevonden hebben en die daardoor nog helemaal intact is.
En, dat wel, nu dagelijks overspoeld wordt door toeristen.

Afijn, op pad met dertien mensen, twee gidsen, porters (om het eten en een grote tent te dragen, je mag hier slechts wandelend in). Echt een superleuke groep jonge mensen. De oudste was 31, drie Canadezen waren in the army.
De eerste dag zou easy zijn, maar als je herstellende bent en bovendien geen energie hebt, dan loop je achteraan met een grijns van oor tot oor omdat je dankbaar bent voor elke stap dat je verder komt in zo’n mooie omgeving. Met een stok. Leek me wel zo aardig voor m’n knieën.

De tweede dag gingen we dan echt omhoog. Trappen trappen trappen, flink zingen, vaak stoppen, dan kom je wel tot 4250 m hoogte. Oooo, even rustig ademhalen. Oooo, en het regent als altijd. Maar het regent en het regent, zonnestralen.

Zo gelukkig voelde ik me. Omgeven door bergen. Wind. Regen. Zon. Mensen. Voelen dat je weer energie krijgt en dat je beter wordt!

Omdat we sliepen op 3700m was het best wel koud, maar in m’n slaapzak was het heerlijk warm. De  derde dag was misschien nog wel beter dan de tweede. We beklommen twee passen, aten super lekker, kregen een gigantische plensbui op ons hoofd, liepen door jungle, super veel trappen, zagen Inca ruïnes, lama’s, droogden weer op en kwamen na zo’n tien uur wandelen op de laatste kampplaats.

En dan de vierde dag. De dag van Machu Picchu , we stonden om 3.30 op, om op tijd bij het checkpoint te zijn (die ging om 5.30 open). Van daaruit liepen we zo hard we konden om om 6.40 door de Sungate Machu Picchu binnen te lopen. WOW. Toen we aankwamen was er mist, maar in vijf minuten trok die op en brak de zon door.

Magisch.

Zo. Dat was een heel boekwerk. Ik ben zo gelukkig geweest in de bergen, ik merkte hoe goed het me deed om in die frisse -ijle- lucht te zijn. Om te eten, slapen, wandelen en verder niets dat ik morgen voor de volgende ga. Dit keer met iets minder bepakking, maar wel iets hoger. Ik ben heel benieuwd!

Advertenties

2 thoughts on “Ik wil graag wat vertellen

  1. Ik kreeg kippenvel tijdens het lezen! Het zou ook met de kou te maken kunnen hebben (het heeft hier gesneeuwd) maar ik denk dat je verhaal meer invloed had. Prachtig! Ik krijg er ook weer zin van om te gaan reizen.
    Liefs,
    Maartje

    • Hola! Sneeuw heb ik ondertussen ook gehad, leuk is dat hè? Je gaat al bijna naar Marokko toch, hoe is het met de voorbereidingen?
      Enne, ik mis het leven met ritme ook wel een beetje, dus zullen we ruilen voor een week? ;)
      Liefs!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s